Elke keer dat je kleding wast en droogt, verliezen stoffen minuscule vezels. Dat gebeurt bij handdoeken, truien, sokken, beddengoed en zelfs bij nieuwe kleding. Tijdens het drogen blaast warme lucht door de trommel, waardoor die losse vezeltjes vrijkomen. Ze worden vervolgens opgevangen in het pluizenfilter van je droger.
Wat daar achterblijft is een luchtig mengsel van:
-
Katoenvezels
-
Wol
-
Synthetische microvezels
-
Kleine stofdeeltjes
-
Haren
-
Soms een beetje wasmiddelresidu
De samenstelling hangt af van wat je hebt gedroogd. Een lading handdoeken levert vaak zacht, licht pluis op. Sportkleding zorgt juist voor een wat fijner, synthetischer mengsel. Maar in alle gevallen heb je te maken met een extreem licht en vezelrijk materiaal met bijzondere eigenschappen.
Waarom zou je het bewaren?
Drogerpluis heeft een aantal opvallende kenmerken:
1. Het is extreem brandbaar
Door de fijne structuur vat het razendsnel vlam. Dat maakt het ideaal als aanmaakmateriaal.
2. Het is isolerend
De luchtige vezels houden warmte vast. Net als dons of wol werkt het als een kleine isolatielaag.
3. Het is licht en flexibel
Je kunt het kneden, vormen, opvullen of ergens tussen stoppen.
4. Het kost niets
Het is letterlijk een restproduct dat je anders zou weggooien.