Een tweede belangrijke stap is hoe je ze bewaart. Laat ze niet in een hoopje liggen, maar leg ze in één enkele laag. Zo voorkom je drukplekken en blijft er minder vocht tussen de vruchten hangen.
Leg ze bijvoorbeeld op een bord of in een lage schaal. Een stukje keukenpapier eronder helpt om eventueel vocht op te nemen. Dat houdt de aardbeien droger en frisser.
Ventilatie is ook essentieel. Gebruik bij voorkeur een bakje met gaatjes of zorg dat er lucht bij kan. Zo voorkom je dat ze gaan “zweten” en blijft de omgeving minder vochtig.
De koelkast is meestal de beste plek om ze te bewaren. Let er wel op dat het niet te koud is. Een temperatuur tussen de 4 en 7 graden werkt het best. In de groentelade zitten ze vaak goed.
Wat deze methode zo effectief maakt, is dat je de belangrijkste oorzaken van bederf aanpakt. Minder vocht, meer lucht en minder druk zorgen ervoor dat aardbeien langer mooi blijven. Het is geen ingewikkelde truc, maar juist de eenvoud maakt het krachtig.
Daarnaast helpt het om een vaste routine te hebben zodra je aardbeien in huis haalt. Haal ze bijvoorbeeld direct uit de verpakking waarin je ze hebt gekocht. Die bakjes houden vaak vocht vast, waardoor de aardbeien sneller achteruitgaan. Door ze meteen goed neer te leggen, begin je al met een voorsprong.
Er zijn ook nog wat extra tips die kunnen helpen. Controleer je aardbeien regelmatig en haal slechte exemplaren er meteen uit. Zo voorkom je dat de rest wordt aangetast.
Let bij het kopen ook op de kwaliteit. Kies stevige, glanzende aardbeien zonder plekjes. Die blijven sowieso langer goed dan zachte of beschadigde vruchten.