Het geluid van de klikklak was onmogelijk te missen. Het was scherp, ritmisch en hard genoeg om op afstand te horen. Zodra één kind ermee begon, keken anderen op. Vaak duurde het niet lang voordat er meerdere kinderen op het schoolplein stonden te klikken.
Dat geluid hoorde bij de rage. Het was bijna een aankondiging: iemand had een klikklak bij zich.
Voor volwassenen kon het geluid na een tijdje behoorlijk irritant worden. Voor kinderen was het juist onderdeel van de charme. Hoe harder en sneller het klikte, hoe indrukwekkender het leek.
Een rage die razendsnel groot werd
In de jaren zeventig werd de klikklak in korte tijd enorm populair. Het speelgoed verspreidde zich snel onder kinderen. Wie er eentje had, nam hem mee naar school. Wie er geen had, wilde er ook een.
De aantrekkingskracht zat in de eenvoud. Je hoefde geen spelregels te leren, geen batterijen te plaatsen en geen ingewikkelde onderdelen in elkaar te zetten. Je pakte het speeltje vast en begon.
Toch was het niet meteen gemakkelijk. Juist dat maakte het interessant. Iedereen kon het proberen, maar niet iedereen kon het goed. Daardoor ontstonden vanzelf wedstrijdjes.
Kinderen daagden elkaar uit:
Wie kon het het langst volhouden?
Wie kon het snelste klikken?
Wie kon het zonder fouten?
Wie kon trucjes doen?
Wie durfde het met meer kracht?
Zo veranderde een simpel speelgoedje in een sociale rage.
Wedstrijdjes op het schoolplein
Schoolpleinen waren de ideale plek voor de klikklak. Tijdens de pauze stonden kinderen in groepjes bij elkaar. Eén kind begon, anderen keken toe, en al snel ontstond een kleine competitie.
Sommige kinderen werden echte meesters in het klikklakken. Ze konden lange reeksen maken zonder te stoppen. Anderen probeerden variaties, draaiden met hun hand of lieten de ballen op een andere manier bewegen.
Voor wie het nog niet goed kon, was het soms frustrerend. De ballen sloegen verkeerd, het ritme viel weg of de harde bollen kwamen pijnlijk tegen de hand terecht.
Maar dat hoorde erbij. De blauwe plekken en pijnlijke knokkels waren bijna een bewijs dat je geoefend had.
Waarom werd het zo populair?
De klikklak had precies de eigenschappen die een speelgoedrage nodig heeft.
Het was goedkoop.
Het was makkelijk mee te nemen.
Het was meteen herkenbaar.
Het was eenvoudig te begrijpen.
Het was uitdagend om goed te doen.
Het zorgde voor competitie.
Bovendien had het een opvallend geluid en trok het automatisch aandacht.
In een tijd zonder mobiele telefoons, sociale media en computergames konden zulke eenvoudige objecten razendsnel populair worden. Een kind zag iemand ermee spelen, wilde het ook proberen en vroeg er thuis om. Zo verspreidde de hype zich van straat tot straat en van schoolplein tot schoolplein.